Koko:
Owlo! Owlo! Ik heb de allerbelangrijkste vraag ooit. Dit kan echt geen seconde wachten.
Owlo:
Kom maar gauw binnen, Koko. Ik was net wat boeken aan het opruimen in de bibliotheek. Wat houdt jou vandaag bezig?
Koko:
We keken gisteren een film waar een wetenschapper terug in de tijd ging en op een dinosaurus reed. Het zag er zo echt uit. Kan zoiets echt gebeuren?
Owlo:
Dat klinkt als een bijzondere film. Wat maakte jou nieuwsgierig of het echt zou kunnen zijn?
Koko:
Omdat de wetenschapper eruitzag als een gewoon persoon, net als jij of ik. Toen begon ik me af te vragen of dinosaurussen en mensen ooit tegelijk op aarde hebben geleefd.
Owlo:
Dat is een van mijn lievelingsvragen uit de hele wetenschap, Koko. Het korte antwoord is nee, maar het volledige antwoord is zoveel interessanter.
Koko:
Maar hoe kan dat, ze waren toch samen in de film? Ze renden toch gewoon overal samen rond en zo.
Owlo:
Films mixen graag dingen door elkaar voor extra spanning. Maar de echte wetenschap vertelt een heel ander verhaal. Laat me je iets laten zien op de grote kaart hier.
Owlo:
Dit is een tijdlijn van de aarde, Koko. Stel je de hele geschiedenis van de aarde voor als één heel, heel lange gang.
Koko:
Oké, ik stel me een hele lange gang voor. Langer dan onze hele school bij elkaar.
Owlo:
Veel langer dan dat, zelfs. Dinosaurussen verschenen voor het eerst zo'n tweehonderd dertig miljoen jaar geleden. Ze leefden een ongelooflijk lange tijd op aarde.
Koko:
Tweehonderd dertig miljoen? Dat kan ik niet eens tellen. Hoe lang hebben ze dan precies geleefd?
Owlo:
Ze heersten zo'n honderd vijfenzestig miljoen jaar over de aarde. Toen veranderde er, zo'n zesenzestig miljoen jaar geleden, iets enorms dat alles anders maakte.
Koko:
Maar wat is er dan precies allemaal gebeurd? Zijn ze gewoon op een dag ineens verdwenen?
Owlo:
Wetenschappers denken dat een enorme rots uit de ruimte, een asteroïde, op de aarde insloeg. Dit veroorzaakte grote branden, enorme stofwolken en dramatische veranderingen in het klimaat.
Koko:
Dat klinkt echt heel erg eng en gevaarlijk. Heeft die asteroïde ze dan allemaal helemaal weggevaagd?
Owlo:
De meeste wel, ja. Het was een massa-uitsterving, wat betekent dat een enorm groot aantal diersoorten in een relatief korte tijd verdween.
Koko:
Oké, dus dinosaurussen waren zesenzestig miljoen jaar geleden al verdwenen. Wanneer kwamen de mensen dan eigenlijk?
Owlo:
Dat is precies de juiste vraag om nu te stellen. De vroege mensen, onze verre voorouders, verschenen pas zo'n driehonderdduizend jaar geleden op aarde.
Koko:
Driehonderdduizend tegenover zesenzestig miljoen. Dat is een enorm groot verschil. Ze hebben elkaar dus volledig gemist?
Owlo:
Volledig gemist. Als die lange gang honderd meter lang was, verdwenen dinosaurussen bijna aan het begin. Mensen zouden pas in de allerlaatste centimeters verschijnen.
Koko:
De mensen kwamen dus super, super laat op het feestje aan. Dat kan ik me gewoon niet eens voorstellen.
Owlo:
Dat is eigenlijk een perfecte manier om het te beschrijven. Extreem laat op een feestje dat al miljoenen jaren voorbij was.
Koko:
Wat leefde er dan op aarde tussen de dinosaurussen en de mensen? Was het op aarde dan gewoon helemaal leeg?
Owlo:
Helemaal niet. Na de dinosaurussen werden zoogdieren langzaam groter en verspreidden ze zich over de aarde. Paarden, walvissen, reusachtige luiaards en vele andere bijzondere dieren verschenen.
Koko:
Reusachtige luiaards? Die klinken echt geweldig. Daar wil ik een andere keer zeker meer over leren.
Owlo:
Herinner me er dan aan, dan doen we dat zeker. Maar er is iets prachtigs om te weten. Niet elk dier uit het tijdperk van de dinosaurussen verdween volledig.
Koko:
Is dat echt waar, niet alle dieren zijn verdwenen? Welke dieren hebben het dan weten te overleven?
Owlo:
Vogels, namelijk. Wetenschappers hebben ontdekt dat vogels rechtstreeks zijn geëvolueerd uit een groep kleine dinosaurussen. Op een bepaalde manier zijn dinosaurussen dus nog steeds bij ons.
Koko:
Vogels zijn dinosaurussen? Als ik een kraai op het schoolhek zie zitten, is dat dan een soort mini-dinosaurus?
Owlo:
Wetenschappelijk gezien wel, ja. Die kraai deelt een voorouder met de grote dinosaurussen van vroeger. Heel bijzonder, toch?
Koko:
Dat is het gaafste wat ik ooit gehoord heb. Ik zal nooit meer op dezelfde manier naar een vogel kijken.
Owlo:
Zo hoort wetenschap te voelen. Het verandert de manier waarop je gewone dingen ziet. Kun jij nu alles samenvatten wat we vandaag besproken hebben?
Koko:
Oké, laat me het proberen. Dinosaurussen leefden miljoenen en miljoenen jaren geleden, en ze verdwenen zo'n zesenzestig miljoen jaar geleden door een enorme asteroïde-inslag.
Koko:
Mensen verschenen pas zo'n driehonderdduizend jaar geleden. Er zit dus een enorm gat tussen hen, en ze hebben elkaar nooit ontmoet.
Koko:
En het meest verbazingwekkende is dat vogels eigenlijk nakomelingen zijn van dinosaurussen. Dinosaurussen zijn dus niet helemaal verdwenen. Ze werden gewoon kleiner en kregen vleugels.
Owlo:
Wat een prachtige samenvatting, Koko. Je hebt het beter uitgelegd dan veel volwassenen zouden kunnen doen.
Koko:
De volgende keer wil ik meer leren over die reusachtige asteroïde, en ook over die reusachtige luiaards. Er valt nog zoveel meer te ontdekken.
Owlo:
Dat is altijd zo. Dat is het mooiste aan vragen stellen. Elk antwoord opent de deur naar wel tien nieuwe avonturen.